Salon blanc #61
met werk van Léa Belooussovitch
en Anton Cotteleer
op zaterdag 16 augustus 2025
doorlopend van 14:00 tot 20:00
De tentoonstelling begint in de gang van Salon blanc met een van de twee werken uit de reeks Les oubliées(de vergetenen) van Léa Belooussovitch: Au bois hangt rechtover Jardin. De twee portretten van eenzelfde vrouw gaan met elkaar in dialoog. In beide gevallen kijkt de vrouw in de lens en is haar blik wat gespannen, alsof ze elk moment kan verdwijnen in de tuin of in het bos. Het zijn afdrukken van persoonlijke beschadigde fotonegatieven die werden gevonden na een overstroming. Door ze schoon te maken, te digitaliseren en te scannen, opnieuw in te lijsten en af te drukken in een groter formaat dan het origineel, worden ze getuigen van sporen van tijd en herinnering. Sommige details van water en vocht, beschadigingen door scheuren en schimmels blijven zichtbaar, als stille getuigen van tijd en verlies. Het worden daardoor spookbeelden die tegelijk iets universeels vormen en roepen herinneringen op voor iedereen die ook met rampspoed te maken kreeg.
Léa Belooussovitch heeft een praktijk die verschillende vormen aanneemt en thema’s aanhaalt die draaien rond de weergave van kwetsbaarheid, geweld, empathie, schaamte, herinneringen of spookbeelden. Aan de wand hangt Porter Ranch, Californie, Etats-Unis, 11 octobre 2019 van Léa Belooussovitch, waarbij de tekening op vilt vertrekt vanuit een digitale afbeelding van een natuurbrand uit de media. Uit dit beeld heeft ze een stukje gekozen dat anders werd gekadreerd en getekend werd op organisch materiaal. De keuze voor wol verwijst naar het idee van bescherming, zoals schapen door hun vacht afgeschermd worden van parasieten.
Boven de tafel in zwart-wit Facepalm, Tillie Klimek. Het woord ‘Facepalm’ is een term die het gebaar beschrijft waarbij men het gezicht met de handpalm bedekt als teken van schaamte, ergernis, consternatie of verlegenheid. Dit woord wordt vandaag de dag nog steeds wordt gebruikt, zoals het verhullen van gezichten met een emoji. Het is tegelijk een heel oud gebaar rond schaamte en verdriet, denk maar aan afbeeldingen van Kaïn en Abel of Adam en Eva verdreven uit het paradijs. De reeks Facepalm is een project dat portretten toont uit het digitale archief van de Chicago Tribune van vrouwen die hun gezicht verbergen voor de scherpe flitsen van verslaggevers in het Cook County gerechtsgebouw in Chicago tijdens de periode van de drooglegging (Prohibition) in de jaren dertig. In dit werk wordt een vrouw in close-up weergegeven door middel van een fotografische herkadrering en afgedrukt op groot formaat op een glanzende satijnen stof (duchesse). De zone buiten het beeld van de originele foto ontbreekt. Tillie Klimek verbergt haar schaamte voor de misdaden die ze heeft begaan, al dan niet opzettelijk of misschien uit wanhoop.
Aan de rand van de trap ligt een sculptuurtje van Anton Cotteleer met de titel Deep down under, vlak bij een zacht hekwerk dat opgehangen is, tussen de twee tentoonstellingsruimtes. Het lijkt wel een paravent, die evenwel niet verhult of onthult maar die je misschien wel ‘uit je focus’ brengt. Het is de bedoeling om de focus van de toeschouwers te manipuleren en zeker in interactie met andere werken een soort wazigheid te geven. Het is een thema dat voor de kunstenaar wel vaker terugkomt: een langdurig onderzoek rond de vraag of een sculptuur onscherp kan zijn. Als plastisch object blijkt dat evenwel bijna onmogelijk, toch kan het vormen aannemen die via mentale constructies visuele waarnemingen kunnen ontwrichten. Het metalen raster (dat normaal gezien eerder hard en agressief is) is hier manueel bedekt met een zachte badkamerstof in zeemzoeterige kleuren.
In de felgekleurde sculptuur verschijnt eveneens een soort tactiliteit, waarbij de contouren subtiel vervagen door de kleine haartjes die erop zitten. Elke scherpe lijn van de vorm is tegelijk ook redelijk dichtgeslibd, alsof er een vloeistof is overgegoten.
Beneden aan de wand hangen twee werken van Léa Belooussovitch uit de reeks Burned to ashes: een opossum (buidelrat) en een tapir. Ze heeft hiervoor details van foto’s gebruikt, die werden gemaakt door natuurbeschermingsorganisaties die verbrande dieren documenteren. Door ze op wolvilt te tekenen, verschijnen ze in een redelijk abstracte vorm, waarbij het idee van een voorbij drama of trauma bijna verdwijnt terwijl (de herinneringen aan) bosbranden nog steeds blijven voortduren. Ze stellen misschien ook wel vragen over de overweldigende beelden in pers en media, en tegelijk de verzadiging ervan.
Op het tapijt op de vloer staan verschillende sculpturen van Anton Cotteleer die bestaan uit herkenbare elementen, die verstoord of getransformeerd werden. Zijn praktijk beweegt zich in het samengaan van gemodelleerde mens- en dierfragmenten en gedeconstrueerde huiselijke objecten. Zo’n huiselijke biotoop wordt vaak als authentiek en persoonlijk gezien, maar blijkt veelal gedirigeerd en inwisselbaar. Dubbelzinnigheden houden het werk in een grijze zone, waarbij erotiek, onschuld, humor, mystiek en banaliteit elk hun aanwezigheid opeisen en steeds door elkaar worden ontkracht. De werken bevatten naast herinneringen uit het collectieve geheugen ook autobiografische sporen (persoonlijk fotomateriaal). De fragmenten zijn evenwel moeilijk te traceren en zijn in oncomfortabele posities gebracht, waardoor de vraag rond de authenticiteit van een herinnering, waarheid en illusie naar voor komt.
Zo is My discoloured personality gebaseerd op een bestaande foto van een vogeltje en vervormd. In een confituurpotje is fluogeel pigment verzameld en als het ware toevallig bij de compositie gebracht op de felblauwe sokkel. In het recente werk A lonely party maakt Anton Cotteleer de sporen van zijn proces zichtbaar en toont zo de geschiedenis van zijn zoektocht. En hoewel Behind the blue pink vanuit een ‘onschuldige’ foto ontstaan is, krijgt het een erotische lading die het spel van schuld en onschuld aanwakkert. De kunstenaar is hier niet expliciet, maar zoekt wel de grenzen op van wat kan en wat niet, of hoe dergelijke zaken ingevuld of geïnterpreteerd kunnen worden.
Aan de wand hangt een reliëf dat redelijk scherp werd geboetseerd, voortgebouwd uit een fragment van een foto. Door de materie die in de mal werd gelegd is een soort vervaging opgetreden in verhard textiel van een voorhoofd en oogholtes. Voor de kunstenaar is dit werk een stap in zijn onderzoek om van een foto tot een sculptuur te kunnen komen, die dan mogelijk onscherp kan zijn en het narratief verandert. Sommige sculpturen worden daarenboven opnieuw gefotografeerd en een antwoord bieden op de originele foto. En via die fotografie kan hij terug met het idee van onscherpte aan de slag, zoals te zien in de boeken op de tafel.
Onder aan de trap rechts is een speels werk te zien: een kat in de vorm van een sok in een bescheiden opstelling. De banaliteit ervan wordt omgedraaid tot iets interessants. De vorm is vervaagd, de detaillering van het dier is weg en door de sok komt Anton Cotteleer tot de essentie van het kattenlichaam. Intiem en surreëel tegelijk.
Anton Cotteleer
Deep down under (bovenaan de trap)
Terracotta, resin, nylon
22,5x18x15,5 cm, 2024
Out of Focus
Variabele afmetingen, textiel, ijzer
My discoloured personality (op het tapijt)
Kunststof, nylon, terracotta, glas, metaal, acrylhars + sokkel van hout, hars, nylon
90×20 cm, 2024
A lonely party (op het tapijt)
Terracotta, pigment, aluminium, kunsthaar, verf
20×29,5×44 cm, 2025
Behind the blue pink (op het tapijt)
Terracotta, nylon, hars, verf
33,5×28,14 cm, 2024
A shared stay (aan de onderste trede beneden)
Acryl, hars, stof, hout, ijzer
31x15x12,5 cm, 2024 (editie van 4 + 1AP)
Again (reliëf aan de muur)
Hars, textiel
Editie van 8 exemplaren, 2021
Léa Belooussovitch
Les oubliées, Au bois (in de gang)
Fotografie
27×40 cm, 2025
Les oubliées, Jardin (recht over Les oubliées, Au bois)
Fotografie
27×40 cm, 2025
Porter Ranch, Californie, Etats-Unis, 11 octobre 2019
Tekening met kleurpotlood op vilt van wol
50×40 cm, 2025
Facepalm, Tillie Klimek (zwart-wit doek)
Fotoafdruk op satijn ‘duchesse’, stalen stang
160×120 cm, 2017
Burned to ashes (tapir) – links
Tekening met kleurpotlood op vilt van wol
50×40 cm, 2023
Burned to ashes (opossum) – rechts
Tekening met kleurpotlood op vilt van wol
50×40 cm, 2023
